De rechtbank beoordeelt het beroep van eiseres tegen het besluit van het Uwv waarbij haar mate van arbeidsongeschiktheid per 12 februari 2024 is vastgesteld op 53,54% en haar een loongerelateerde WGA-uitkering is toegekend. Eiseres vindt dat zij ernstiger beperkt is, met name vanwege psychische klachten, en dat de geselecteerde functies niet passend zijn.
Eiseres was werkzaam als functie voor 35,86 uur per week en meldde zich in februari 2022 ziek na een Covid-19-infectie. Na afloop van haar Ziektewetuitkering vroeg zij een WIA-uitkering aan. Aanvankelijk werd deze geweigerd omdat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt zou zijn. In bezwaar werd dit herzien en werd alsnog een WGA-uitkering toegekend op basis van 53,54% arbeidsongeschiktheid.
Volgens eiseres zijn haar psychische beperkingen onderschat. Zij wijst op een recidiverende depressieve stoornis, angstklachten en een slaapstoornis, met structurele beperkingen in energie, concentratie en sociale interactie. Ook stelt zij lichamelijke klachten te hebben als gevolg van stress en meent zij dat zij meer beperkt is ten aanzien van prikkelverwerking, aandacht en fysieke belasting.
De rechtbank stelt voorop dat het Uwv zijn besluiten mag baseren op rapporten van verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen, mits deze zorgvuldig tot stand zijn gekomen en logisch zijn gemotiveerd. De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft in januari en februari 2025 uitgebreid gemotiveerd waarom aanvullende beperkingen zijn aangenomen ten opzichte van de primaire beoordeling. Vanwege de ernst en aard van de psychische problematiek en de onveranderde thuissituatie is onder meer een urenbeperking vastgesteld op energetische gronden. Ook is rekening gehouden met prikkelgevoeligheid door beperkingen op te nemen voor een werkomgeving zonder intense auditieve en visuele prikkels en met de noodzaak van voorspelbare werkzaamheden zonder hoog handelingstempo bij niet-routinematige taken.
De verzekeringsarts heeft toegelicht waarom geen verdere beperkingen nodig zijn voor aandacht, handelingstempo of lichamelijke belastbaarheid. Volgens hem kunnen stressgerelateerde lichamelijke klachten worden voorkomen bij passend werk binnen de vastgestelde beperkingen. De rechtbank acht deze motivering inzichtelijk en overtuigend. Eiseres heeft geen medische stukken overgelegd die aanleiding geven tot twijfel aan deze beoordeling.
Ten aanzien van de geselecteerde functies, waaronder archiefmedewerker, schadecorrespondent en postbezorger, oordeelt de rechtbank dat de arbeidsdeskundige bezwaar en beroep voldoende heeft gemotiveerd dat deze functies de belastbaarheid van eiseres niet overschrijden. De functies hebben een routinematig karakter, kennen geen conflicthantering of productiepieken en bevatten geen overmatige prikkelbelasting. Voor zover eiseres stelt dat zij de functies niet aankan, richt dit betoog zich in wezen tegen de medische grondslag, die de rechtbank juist acht.
De rechtbank concludeert dat het Uwv het arbeidsongeschiktheidspercentage terecht op 53,54% heeft vastgesteld. Het beroep is ongegrond.
Rechtbank Midden-Nederland, 17 december 2025, UTR 25/2271, ECLI:NL:RBMNE:2025:6747